De aanleiding
Voor de stikstofopname van uien wordt vaak nog verwezen naar proefresultaten van 30 jaar of ouder. Die zijn gebaseerd op rassen die inmiddels nauwelijks nog geteeld worden. Ook de manier van bemesten is veranderd: van bemesting met minerale meststoffen, terwijl tegenwoordig op veel percelen juist organische mest gangbaar is.
Dit onderzoek richt zich op het verloop van stikstofopname bij zaaiuien onder huidige teelt- en klimaatomstandigheden. Daarbij wordt gekeken naar de totale stikstofopname, de afvoer met de oogst, de hoeveelheid stikstof die achterblijft in gewasresten en de impact die een vanggewas heeft op het beperken van de uitspoelingsverliezen na de teelt.
2025-2028
Doelstelling
Het doel is om telers inzicht te geven in de impact van meststofkeuze en dosering op opbrengst, kwaliteit en milieubelasting. De opgedane kennis helpt bij het opstellen van toekomstbestendige bemestingsplannen, waarmee economische doelen behaald worden binnen milieukundige randvoorwaarden.
BEoogde impact
- Inzicht in optimale stikstofbemesting voor zaaiuien op zandgrond, wat kan leiden tot hogere stikstofefficiëntie en minder milieubelasting.
- Potentieel reductie van stikstofverliezen naar bodem en water, wat bijdraagt aan het behalen van stikstofreductiedoelen.
- Verbeterde teeltstrategieën die rekening houden met klimaat- en weersinvloeden, waardoor telers beter kunnen inspelen op variabele omstandigheden.
- Kennisontwikkeling over de rol van groenbemesters in stikstofbenutting en -vastlegging, wat kan leiden tot duurzamere teeltsystemen.
- Praktische richtlijnen voor telers gebaseerd op meetbare en statistisch onderbouwde resultaten, waardoor de sector efficiënter en duurzamer kan produceren.
Beoogde aanpak
- Twee teeltperioden op zandgrond met hetzelfde uienras om verschillen in stikstofopname en -efficiëntie te onderzoeken.
- Vijf bemestingsobjecten met variaties in stikstofniveau (0%, 60%, 80%, standaard kunstmest, en standaard kunstmest + drijfmest), fosfaat- en kalibemesting gelijk voor alle objecten.
- Proeven in viervoudige herhaling voor statistische betrouwbaarheid.
- Uitgebreide monitoring: bodemmonsters op 0–30, 30–60 en 60–90 cm diepte voor en na teelt, stikstofanalyse van geoogste uien en loof, opstellen stikstofbalans.
- Inzaai van groenbemesters op de helft van de veldjes en analyse van opname in loof en wortels.
- Waarnemingen tijdens teelt: groei, gewasstand, ziekte- en plaagdruk.
- Oogstmetingen en monitoring van klimaat- en weersomstandigheden met satellietdata, bodemsensoren en weerstation.
Meer weten
Wil je meer weten over dit project? Neem dan contact op met Jeffrey Mul, Projectleider Akkerbouw.
Jeffrey Mul
Meer nieuws
Sorry, we konden geen berichten vinden. Probeer andere zoekterm(en).